Corona-regelingen

Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW)


De tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) is er gekomen om werkgevers die door de coronacrisis te maken hebben met omzetverlies tegemoet te komen. Met de tegemoetkoming NOW kunnen werkgevers hun werknemers met een vast en met een flexibel contract doorbetalen en in dienst houden. Zo blijven zo veel mogelijk banen behouden.


Tegemoetkoming NOW aanvragen


In totaal zijn er 5 aanvraagperiodes om een tegemoetkoming aan te vragen (pdf, 81 kB). U kunt vanaf 15 februari 2021 t/m 14 maart 2021 een aanvraag doen voor de vierde aanvraagperiode. Het aanvragen van een tegemoetkoming voor de eerste, tweede en derde aanvraagperiode is niet meer mogelijk.NOW 3.3 kan van 17 mei 2021 t/m 13 juni 2021 voor de maanden april, mei en juni aangevraagd worden.


Definitieve berekening


Als u een tegemoetkoming heeft aangevraagd, dan krijgt u eerst een voorschot. Pas als het werkelijke omzetverlies bekend is, kunnen wij de definitieve tegemoetkoming berekenen. Hiervoor moet u per aanvraagperiode een aparte aanvraag doen. Sinds 7 oktober 2020 kunt u de definitieve berekening aanvragen van de tegemoetkoming voor de eerste aanvraagperiode. De data waarop u een aanvraag kunt doen voor de definitieve berekening voor de andere aanvraagperiodes, zijn nu nog niet bekend. Houd hiervoor deze pagina in de gaten.

Als u na het lezen van de informatie op deze pagina’s nog vragen heeft over de NOW, dan kunt u het UWV via deze link contact met ons opnemen. Houd uw loonheffingennummer bij de hand. We helpen u graag verder.
 
Meer tijd definitieve berekening eerste periode NOW !!
 
Werkgevers krijgen langer de tijd om een aanvraag in te dienen voor de definitieve berekening van de tegemoetkoming voor de eerste periode. Dat heeft minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bekendgemaakt. Werkgevers hebben nu t/m 31 oktober 2021 de tijd om de aanvraag in te dienen. Deze verruiming geldt zowel voor werkgevers die een accountantsverklaring nodig hebben als voor werkgevers die een derdenklaring of geen verklaring nodig hebben.
 
Definitieve berekening NOW 2 kunnen vanaf 15 maart 2021 worden aangevraagd en de einddatum voor dit termijn is 5 januari 2022
 
Voor de derde periode NOW kan de definitieve berekening worden aangevraagd van 4 oktober 2021 t/m 26 juni 2022, voor vierde en vijfde periode loopt van 31 januari 2022 t/m 23 oktober 2022
 

Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL)

Heeft u omzetverlies door de coronamaatregelen? En moeite om de vaste lasten van uw mkb-onderneming te betalen? Dan kunt u via de regeling Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) subsidie aanvragen. U vraagt de TVL telkens aan voor een periode van 3 maanden.

De TVL is beschikbaar voor bijna alle ondernemers die hun bedrijf voor 15 maart 2020 inschreven in het Handelsregister van KVK. Voor een paar specifieke sectoren is er extra steun

Het kabinet heeft op 21 januari besloten om de TVL voor Q1 2021 flink uit te breiden. Het subsidiepercentage stijgt naar 85%, het minimum- en maximumbedrag gaan omhoog en niet-mkb bedrijven komen nu ook in aanmerking. De VGD-opslag voor non-food detailhandelaars wordt verlengd en is verhoogd. Er komen extra opslagen voor de reissector en de land- en tuinbouwbedrijven.

De uitbreidingen zijn nog niet in werking bij de opening van TVL Q1 2021. Dit kost tijd. De subsidieregeling moet worden aangepast en goedgekeurd door de Europese Commissie. Daarna kunnen we de uitbreidingen doorvoeren in ons systeem.

 Wat betekenen de uitbreidingen voor uw TVL Q1 2021-aanvraag?

Als u TVL Q1 2021 aanvraagt, berekenen we uw subsidie op basis van het eerdere subsidiepercentage (50-70%), en het huidige minimum- en maximumbedrag (€ 750 en € 90.000). U ontvangt later automatisch een extra betaling. Op dit moment kunnen we nog niet aangeven wanneer.

Niet-mkb bedrijven

Niet-mkb bedrijven, waaronder bedrijven met meer dan 250 medewerkers, komen ook in aanmerking voor TVL Q1 2021. We vragen u alleen te wachten met aanvragen tot ons systeem hier klaar voor is. Doet u dit niet, dan ontvangt u een afwijzing. Zodra we een datum weten waarop u kunt aanvragen, melden we het direct. U kunt zich aanmelden voor een update als TVL Q1 2021 opent voor deze bedrijven. U kunt de mkb-toets gebruiken om te zien of u een niet-mkb ondernemer bent.

Ondernemers met lage vaste lasten

Als u minder dan € 3.000 berekende vaste lasten heeft per kwartaal, kunt u ook TVL Q1 2021 aanvragen. Om nog meer ondernemers te kunnen helpen, gaat het minimale bedrag voor de berekende vaste lasten omlaag naar € 1.500. Als u TVL Q1 2021 aanvraagt, ronden we uw aanvraag af als het verlaagde bedrag voor de vaste lasten is goedgekeurd door de Europese Commissie. U ontvangt de subsidie als uw vaste lasten gelijk of hoger zijn dan € 1.500. Als uw vaste lasten lager zijn € 1.500, ontvangt u een afwijzing. Let op: het gaat om uw berekende vaste lasten, en niet om de werkelijke vaste lasten.

Extra steun voor specifieke sectoren

Detailhandel

Op 18 december is besloten dat non-food detailhandelaars die in aanmerking komen voor TVL Q4 2020 een opslag bovenop de subsidie krijgen: de Voorraad Gesloten Detailhandel (VGD). Op 21 januari is besloten dat de VGD ook geldt voor TVL Q1 2021, en de opslag en het maximum zijn verhoogd. Ondernemers die TVL Q4 2020 hebben aangevraagd, ontvangen een extra betaling zodra de opslag in het systeem is ingeregeld.

Evenementensector

Op 9 december is besloten dat ondernemers in de evenementenbranche die niet in aanmerking komen voor TVL Q4 2020, mogelijk extra steun krijgen met de VLE (Vaste Lasten Evenementenbranche). Omdat deze sector ernstig lijdt onder de coronamaatregelen, geldt VLE voor zowel het 4e kwartaal van 2020 als het 1e kwartaal van 2021.

Voorwaarden

Als u in aanmerking wilt komen voor de TVL, moet u aan een aantal voorwaarden voldoen.

Bekijk alle voorwaarden

Aanvragen

Er zijn nog 2 TVL openstellingen:

  • TVL Q1 2021: 1 januari tot en met 31 maart 2021 -vanaf 15 februari 2021 aan te vragen
  • TVL Q2 2021: 1 april tot en met 30 juni 2021 - u kunt naar verwachting vanaf mei 2021 aanvragen

U vraagt de TVL telkens voor een periode van 3 maanden aan. Voor iedere periode moet u een nieuwe aanvraag doen. U kunt in elke periode TVL aanvragen, ook als u de voorgaande periode geen aanvraag deed of niet in aanmerking kwam. Voor uw aanvraag heeft u eHerkenning niveau 1 (of hoger) of DigiD nodig. Als u DigiD gebruikt, moet u degene zijn die bij KVK geregistreerd staat als eigenaar of bestuurder van het bedrijf.

Aanvraagproces

Hoe bereidt u uw aanvraag voor? Hoe vraagt u de regeling precies aan? Wat gebeurt er na uw aanvraag? Hoe vraagt een intermediair voor u de TVL aan?

Hoogte van de subsidie

Hoeveel u ontvangt, hangt af van uw omzetverlies en uw branche.

 

 

Startersregeling

Het kabinet voert een regeling in voor starters die tussen 1 januari en 30 juni 2020 een bedrijf zijn begonnen. De precieze invulling wordt nog vastgesteld. De regeling, die zoveel mogelijk worden gebaseerd op de TVL, geldt zowel voor het eerste als tweede kwartaal kwartaal van 2021.

De referentieperiode voor deze bedrijven zal het derde kwartaal 2020 zijn. Starters gestart tussen 1 januari en 15 maart 2020 komen ook voor de reguliere TVL n aanmerking in het eerste kwartaal 2021.

In het tweede kwartaal 2021 kunnen de starters die gestart zijn tussen 1 januari en 15 maart 2020 alleen van de aparte startersregeling gebruikmaken. Het kabinet hoopt het loket in mei 2021 te kunnen openen.

Starters kunnen ook gebruikmaken van corona-overbruggingskredieten tot maximaal € 35.000.    

 

 

Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK)


Looptijd : 1 januari 2021 t/m 30 juni 2021

Deze regeling is voor huishoudens die door de coronacrisis te maken hebben met een inkomensterugval en daardoor noodzakelijke kosten zoals woonlasten niet meer kunnen betalen uit het inkomen. Andere regelingen bieden vaak niet of onvoldoende soelaas.

Deze regeling biedt geen ondersteuning aan een onderneming. Het gaat om noodzakelijke kosten in levensonderhoud. Bedrijfskosten vallen hier niet onder.

Deze regeling is een tijdelijke tegemoetkoming in noodzakelijke kosten en kan gezien worden als een ruimharige vorm van bijzondere bijstand.

De gemeenten hebben eigen beleidsvrijheid om in te geven aan deze regeling. Centraal worden er geen nadere regels gesteld. De overheid stelt enkel geld beschikbaar aan de gemeenten om meer mensen te helpen die door de coronacrisis financieel in te problemen komen.

Een gemeente kan aangeven welke kosten noodzakelijk worden geacht en wie er in aanmerking komt voor een vergoeding. De focus ligt op woonlasten. Voor deze kosten kan voor de hele TONK periode een tegemoetkoming worden verstrekt. 

Onder woonlasten worden in ieder geval verstaand huur, hypotheekrente en kosten voor gas, water en licht.

De gemeente zal letten op gezinsinkomen, beschikbaar vermogen en inkomen. Het kan dan in ieder geval gaan om inkomsten uit arbeid, inkomsten uit een uitkering, inkomsten uit verhuur en inkomsten uit partner- en kinderalimentatie.

De gemeente kan daarnaast vastleggen welke middelen nog meer meetellen voor vaststelling van het recht op TONK. Zo kan de gemeente vaststellen dat een aanvrager met meer dan een X bedrag aan beschikbare geldmiddelen niet in aanmerking komt voor de TONK.

De ontvanger hoeft de tegemoetkoming in principe niet terug te betalen.

Als er sprake is van een situatie dat de aanvrager op korte termijn alsnog over genoeg inkomen beschikt dan mag de gemeente besluiten om de TONK in een vorm van een lening te verstrekken. 

Het zal per gemeente verschillen per wanneer je de TONK kan aanvragen. 

 

 

Toeristen- en gemeentebelastingen

Gemeenten kunnen ondernemers financieel tegemoetkomen in de toeristen- en gemeentebelastingen, maar dit hoeven ze niet te doen. Het verschilt per gemeente welke maatregelen er worden genomen. 

 


Bijzonder uitstel van betaling vanwege de coronacrisis wordt verlengd

Het kabinet heeft besloten de regeling voor bijzonder uitstel van betaling vanwege de coronacrisis te verlengen. U kunt het bijzonder uitstel nog aanvragen of verlengen tot en met 30 juni 2021. Met bijzonder uitstel hoeft u tot 1 juli 2021 verschillende belastingen nog niet te betalen. En u krijgt van 1 oktober 2021 tot 1 oktober 2024 de tijd om de belastingschuld af te lossen die u opbouwt tijdens uw bijzonder uitstel.

Al verlenging van uw bijzonder uitstel aangevraagd en gekregen?

Dan hoeft u nu niets te doen. Voor u geldt het bijzonder uitstel automatisch tot 1 juli 2021.

Eerder 3 maanden bijzonder uitstel gekregen, maar nog geen verlenging aangevraagd?

U kunt ons tot en met 30 juni 2021 vragen uw bijzonder uitstel te verlengen. Dat gaat makkelijk en snel met een online formulier.
Als u verlenging krijgt, geldt uw bijzonder uitstel tot 1 juli 2021.

Let op!

Kiest u ervoor om uw bijzonder uitstel van 3 maanden niet te verlengen? Dan moet u na de laatste dag van uw bijzonder uitstel de belastingen waarvoor u uitstel had weer op tijd betalen. Doet u dit niet? Dan kunt u niet gebruikmaken van de betalingsregeling van 36 maanden die start op 1 oktober 2021. En moet u uw belastingschuld al vóór die datum aflossen.

Nog geen bijzonder uitstel aangevraagd?

Is uw bedrijf door de coronacrisis in betalingsproblemen gekomen? Wij raden u aan zo snel mogelijk bijzonder uitstel aan te vragen. Dit doet u binnen enkele minuten met een online formulier. U krijgt dan 3 maanden uitstel van betaling. 

Is het voor u na die 3 maanden nog steeds lastig om op tijd te betalen? Dan kunt u verlenging van uw bijzonder uitstel aanvragen. Ook dat kan met het online formulier.

Krijgt u ná 1 april 2021 voor de 1e keer bijzonder uitstel? Dan geldt het uitstel tot 1 juli  2021. 


 Urencriterium 2021

Ondernemers hebben recht op verschillende ondernemersfaciliteiten als zij voldoen aan het urencriterium. Dit betekent dat een ondernemer ten minste 1.225 uren en de helft van zijn arbeidstijd per kalenderjaar moet besteden aan zijn onderneming. Voor het jaar 2020 gold een versoepeling van het urencriterium. Deze versoepeling geldt ook voor het eerste halfjaar van 2021. Ondernemers worden in deze periode geacht ten minste 24 uren per week aan hun onderneming te hebben besteed. In het geval van ondernemers, die de startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid claimen, gaat het om ten minste 16 uren per week.

Voor ondernemers, die seizoengebonden werkzaamheden verrichten, geldt dat zij in het eerste halfjaar geacht worden het aantal uren te hebben besteed dat zij in andere jaren besteedden aan hun onderneming. Aan de hand van de urenadministratie van 2019 kan een ondernemer beoordelen of hij in het eerste halfjaar van 2021 aan het urencriterium voldoet.

Vrije ruimte werkkostenregeling

Ook voor 2021 geldt een verruimde werkkostenregeling. Je mag onder de werkkostenregeling een gedeelte van je fiscale loon besteden aan onbelaste vergoedingen, verstrekkingen en terbeschikkingstellingen voor jouw werknemers. Dit is de vrije ruimte.

De vrije ruimte over het fiscale loon t/m € 400.000 wordt ook voor 2021 verhoogd van 1,7% naar 3%. De tweede schijf, de loonsom boven € 400.000 is gewijzigd voor 2021 naar 1,18%.

De vergoedingen die de werkkostenruimte overschrijden worden belast tegen een eindheffing van 80% bij de werkgever. En de werkgever heeft in beginsel niet temaken met de vrije vergoedingen en verstrekking per individuele werknemer. Het hoeft dus niet per werknemer getoetst te worden, maar de kosten moeten wel op collectief werkgeversniveau verantwoord worden.

De werkkostenregeling kent ook gerichte vrijstellingen, deze zijn voor de loonheffingen niet belast en hebben geen invloed op de vrije ruimte (mits aangewezen als eindheffingsbestanddeel) Voorbeelden gerichte vrijstelling is de vergoeding van de kosten voor de verklaring omtrent gedrag (VOG), ook het verstrekken van mondkapjes is een gerichte vrijstelling t/m 31 maart 2021.   

 

DGA’s : verlaging gebruikelijk loon

Deze regeling geldt t/m 31 december 2021

Ieder jaar moet een DGA minimaal € 46.000 uitkeren aan zichzelf, dit heet het gebruikelijk loon. Door de coronacrisis willen veel DGA’s een deel van dit geld liever in de BV houden, zodat het bedrijf over meer liquiditeit kan beschikken.

Bij omzetverlies door coronacrisis wordt het daarom mogelijk gemaakt dat ondernemers tijdelijk van een lager loon uit mogen gaan, in verhouding tot de omzetdaling van het bedrijf.

Heb je als gevolg van de coronacrisis te maken met een omzetdaling dan mag je, zonder de belastingdienst daarvoor toestemming te vragen het gebruikelijke loon in 2020 en/of 2021 lager vaststellen.

Voor 2021 wordt deze maatregel op twee punten aangepast, 1 de regeling voor 2021 zal de omzet over heel het jaar worden vergeleken met de omzet over heel 2019. Hiermee beweegt de maatregel mee met de omzetontwikkeling van ondernemers gedurende heel 2021 waardoor de maatregel doelmatig is. 2 ero wordt een toegangsdrempel ingevoerd voor een minimum omvang van omzetverlies zoals gebruikelijk bij andere coronamaatregelen, zoals de TVL. De regeling voor 2021 staat open voor vennootschappen die in 2021 t.o.v. 2019 ten minste 30% omzetverlies hebben geleden.

Verder geldt dat de rekening-courantschuld of het dividend mag niet toenemen als gevolg van het lagere gebruikelijke loon.

Als de aanmerkelijkbelanghouder in werkelijkheid een hoger loon heeft gehad dan volgt uit onderstaande berekening, dan geldt dat hogere loon.